Tijdens de eerste sessie van ons traject voor leidinggevenden in spe vroeg ik de deelnemers wat ze graag wilden leren. Ik verwachtte vragen over vergadertechnieken, plannen maken of besluitvorming. Die kwamen er weliswaar, maar op de flipchart belandden vooral heel andere woorden: empathie, eerlijke communicatie, collega’s motiveren, waardering tonen, rust brengen en verbinding als basis. Iemand noemde zelfs de rol van ‘brugfiguur’.
Mooi, toch? Onze deelnemers benaderen leiderschap vanuit de mensen met wie ze straks samenwerken. Ze willen een team kunnen dragen en tegelijk goed aanvoelen wat er op de werkvloer leeft.
Een zinvolle HR-praktijk
Deze school organiseert om de drie jaar een traject voor collega’s die nieuwsgierig zijn naar een nieuwe rol binnen het onderwijs. Sommigen nemen vandaag al verantwoordelijkheid op, bijvoorbeeld in een vakgroep of in een project. Anderen willen vooral onderzoeken of leidinggeven bij hen past. Er hoeft aan het einde van het traject geen nieuwe functietitel klaar te staan. Die ruimte om te verkennen vind ik ontzettend waardevol.
Een leerkracht die leiding opneemt, kent zijn collega’s vaak al jaren. Je weet wie graag het woord neemt in een vergadering en wie pas achteraf zegt wat er wringt. Je hebt samen lesgegeven, een drukke examenperiode doorgemaakt of aan een project gewerkt. Die vertrouwdheid helpt. Ze maakt sommige gesprekken ook moeilijker. Hoe geef je eerlijke feedback aan iemand die gisteren nog gewoon naast je in de leraarskamer zat? Hoe houd je oog voor ieders verhaal en breng je tegelijk een overleg tot een besluit?
Daarom vond ik de leerwensen uit die eerste sessie zo treffend. ‘Verbinding als basis’ klinkt warm, maar vraagt in de praktijk soms dat je een verschil van mening op tafel legt. ‘Rust brengen’ betekent soms helder zeggen wat wel en niet kan. En een brugfiguur kan pas verbinden als die zelf weet waar de brug naartoe leidt.
Dat leer je niet uit één les over leiderschapsstijlen. Je leert het door te oefenen met herkenbare situaties, te merken waar je zelf ongemakkelijk van wordt en daar met anderen over te spreken. In ons traject komen onder meer communicatie, peerfeedback en teamwerk aan bod. We willen deelnemers de kans geven om hun eigen manier van leidinggeven te ontdekken én vaardigheden te ontwikkelen die ze meteen kunnen gebruiken.
Ook de school heeft daarin een opdracht. Als we collega’s uitnodigen om verantwoordelijkheid op te nemen, moeten we duidelijk maken welke ruimte ze daarvoor krijgen. Waarover mogen ze mee beslissen? Bij wie kunnen ze terecht wanneer een gesprek vastloopt? Hoe zorgen we dat hun bijdrage ook gehoord wordt? Een opleiding kan iemand sterker maken; de dagelijkse samenwerking bepaalt of die persoon dat leiderschap werkelijk kan opnemen.
We staan nog maar aan het begin van dit traject. Ik weet dus niet welke antwoorden de deelnemers over enkele maanden zullen geven op de vraag wat ze nodig hebben. Misschien staan er dan andere woorden op mijn blad. Voorlopig vind ik het veelzeggend dat ze begonnen bij hun collega’s. Daar, in de gesprekken en de samenwerking van elke schooldag, zullen ze hun leiderschap ook moeten vormgeven.
PS: Lees zeker ook even de blog Effectief Schoolleiderschap – een robuust onderbouwde praktijk.
Ervaar je de nood om binnen jouw scholengroep of -gemeenschap stil te staan bij (de ontwikkeling van) schoolleiderschap?